De Wilhelmina Catharinaschool

De Wilhelmina-Catharinaschool, vaak afgekort tot WC-school, is de voorloper van de ASVO. Wat weten we over de geschiedenis van deze school?

1890
De heer W B Fricke, een rijk man, richtte samen met Petronella Meuleman-van Ginkel in 1890 de Wilhelmina-Catharinaschool op. Zij werden bijgestaan door mevrouw J Wierts van Coehoorn-Stout, die voor de onderwijskundige adviezen zorgen. Mevrouw Wierts was een aanhanger van het Fröbelonderwijs, een onderwijsconcept van de Duitse pedagoog F W A Fröbel (1782-1852). Wierts, Meuleman en Fricke waren spiritisten maar omarmden al snel de theosofie.

Theosofie
De Theosofische Vereniging ontstond in 1875 in de Verenigde Staten. Fricke werd de ziel van de Nederlandse beweging en werd daarin secretaris-generaal. Mevrouw Meuleman was ook zeer belangrijk in de beweging en in haar huis werd in 1891 de eerste loge in Nederland opgericht. In 1897 werd het Nederlandse hoofdkwartier in Amsterdam gevestigd, op de Amsteldijk 76.

Willem Barend Fricke
Willem Barend Fricke werd op 4 november 1843 in Weesp geboren. Op zijn 16e jaar ging hij naar Zuid Afrika om daar zijn geluk te beproeven. Hij ging daar de handel in. Dat bleek met de oorlog die daar ontstond een voor hem goede keus, want hij werd door deze handel al snel vermogend.

In 1868 werd Fricke vrijmetselaar, ging naar Londen en kreeg daar het advies om naar Chicago te gaan, om zich verder te verdiepen in het spiritisme, waarin hij geïnteresseerd was. Fricke was inmiddels getrouwd met Harriet Mare en keerde rond 1888 naar Nederland terug. Willem Fricke en Harriet Mare kregen geen kinderen.

Petronella Catharina van Ginkel
Petronella Catharina van Ginkel werd op 21 december 1841 in Rijswijk geboren en trouwde met de smid E Meuleman. Zij kregen één dochter, Petronella Catharina (1869). Deze dochter trouwde met Tjebbe Frederik van der Werff (1864). Deze Van der Werff werd de eerste hoofdonderwijzer van de Wilhelmina-Catharinaschool. Het echtpaar Meuleman-Van Ginkel woonde in Vlaardingen en daar was Johanna H J Stout (Leiden, 1857) het hoofd van de Fröbelschool.

Spiritisme
Het echtpaar Meuleman-Van Ginkel, mevrouw Stout en het echtpaar Fricke kreeg in mei 1888 contact met elkaar, door hun belangstelling voor het spiritisme.

Op 8 maart 1889 overleed Harriet Fricke-Mare. Het contact tussen het echtpaar Meuleman en Fricke werd daarna nog inniger. Het echtpaar Meuleman verhuisde naar Amsterdam en het drietal ontmoette elkaar dagelijks.

Bij hen ontstond het idee om een school op te richten voor “goede opvoeding”. Zij vonden het hun opdracht op tot een betere samenleving te komen, en een school is een van de wegen daar naartoe.

In het idee zou de school vanaf het 3e levensjaar de kinderen volgens de pedagogie van Fröbel opvoeden, en wanneer de kinderen ouder werden volgens het klassikale systeem.

Mevrouw Stout trouwde in 1891 met H P A Wierts van Coehoorn en werd de eerste directrice van de Fröbelafdeling van de Wilhelmina-Catharinaschool.

In de tuin van de Wilhelmina-Catharina school

Locatie
De plaats van de school werd met zorg gekozen. De Weteringschans was een deftige straat, op de grens tussen de oude stad en de zich ontwikkelende buitenwijken. Het Frederiksplein met het prachtige Paleis van Volksvlijt (1864) was nabij. De school zou een particuliere onderwijsinstelling worden voor kinderen van gegoede burgers. De Weteringschans bleek een goede locatie te zijn.

Er kwam een terrein aan de Falckstraat, achter de Weteringschans, vrij. Daar had een brandspuitenfabriek gestaan en Fricke wist daar de hand op te leggen.

Op 27 jan 1889 werd bij B&W door Fricke de aanvraag ingediend om een Fröbelschool op te richten op dat terrein. Als architect werd Evert Breman aangetrokken (1860-1929).

Na een initiële weigering kreeg Fricke de toestemming om een Fröbelschool met directeurswoning te bouwen op het perceel Weteringschans 259-261, doorlopend naar Falckstraat 2. Aan de Weteringschans-zijde werd een directeurswoning toegevoegd, aan de Falckstraat een woning voor de directrice.

De bouw verliep vlot en op 26 augustus 1890 was de bouw voltooid. De school was op papier al op 1 mei 1890 opgericht.

Het schoolmilieu moest een afspiegeling zijn van de sfeer thuis en mede daarom werd de school Wilhelmina-Catharinaschool genoemd, genoemd naar de moeder van Willem Fricke en de moeder van Petronella Meuleman. Deze naam werd later door de leerlingen doorgaans afgekort tot WC-school.

De school
Het was een ruim opgezette school. Bij het ontwerp werd voor de klaslokalen uitgegaan van 0,8 m2 per leerling. Op de begane grond en de verdieping waren er 4 speellokalen en 6 leslokalen, kleedkamers, een bestuurskamer en goede en voldoende sanitaire voorzieningen.
Het onderwijs bestond bij de opening uit 2 afdelingen, afdeling A was de Fröbelkindertuin, met als directrice mevrouw Johanna Wierts van Coehoorn-Stout, en afdeling B was bestemd voor jongens en meisjes voor lager- en uitgebreid lager onderwijs met 6 leerjaren. Het hoofd van deze afdeling was dhr. T F van der Werff.
Mevrouw Wierts van Coehoorn schreef in 1904 een “Handleiding bij de ontwikkeling van het kind van 3 tot 7 jaar volgens de methode van Fröbel”, een 460 pagina’s leerplan dat in de 20-er jaren hier en in de 30-er jaren nog in Indië gebruikt werd.
Op afdeling B was het “praktische einddoel” voor de leerlingen een grondige voorbereiding voor het Middelbaar Onderwijs. Er werd les gegeven in lezen, schrijven, rekenen, Nederlandse taal, Franse taal, vaderlandse geschiedenis, aardrijkskunde, kennis der natuur, zingen, tekenen, vrouwelijke handwerken, slöjd, gymnastiek, ritmische gymnastiek en voor de klassen van het uitgebreide onderwijs tevens in wiskunde en de Duitse taal.

Conflict
Na de oorlog steeg het aantal leerlingen weer, tot ca 270 in 1948. Mevrouw Bosman-Boom had de oorlog overleefd, kwam terug op de school en werd aangesteld in vaste dienst. Ze was boventallig en had geen eigen klas. In 1949 werd haar ontslag aangezegd vanwege de financiële situatie van de school. Dat werd niet geaccepteerd door het personeel en maakte op 10 juli 1949 een 3 pagina’s lang memorandum waarin zij bezwaar maakte tegen het ontslag. Dit werd het begin van een langdurig conflict dat jaren voortduurde. 
Maar ook de ouders raakten bij dit conflict betrokken en stelden zich eveneens op tegen het bestuur.

Tekst: van de website www.joodsamsterdam.nl